Kalkovens luchtfoto jaren 30Midden jaren '30: In het midden de kalkovens langs het Boterdiep. Het Van Starkenborghkanaal is net gegraven, de West-Indische buurt is nog niet gebouwd, de oude bocht van het Boterdiep om de molen Wilhelmina is nog herkenbaar, terwijl het nieuw rechtgetrokken stuk Boterdiep er al ligt.

Tot begin jaren '70 hebben er naast het Boterdiep ter hoogte van Noorderhoogebrug kalkovens gestaan, ongeveer op de plek waar nu de Hunzeborgh staat. Een indruk van het uiterlijk van die verdwenen ovens kun je krijgen langs de Rijksweg tussen Garmerwolde en Ten Boer. Bij Rijksweg nummer 23 staan drie vreemde bouwsels met een cilindervormige onderbouw en een conische bovenbouw.

De kalkovens bij het Boterdiep zijn kort voor 1970 buiten werking gesteld en wat later afgebroken. Toen begin jaren '70 voor de bouw van de Noordzeebrug het Boterdiep naar het Van Starkenborghkanaal moest worden rechtgetrokken, kwam het nieuwe tracé precies over de plek van de woning van de Ter Laans te liggen. Inmiddels is er door de bouw van de wijken De Hunze en Van Starkenborgh helemaal niets meer te zien van de oude woonomgeving met de weilanden erachter richting Beijum. 

De laatste bewoners van het huis bij de kalkovens was de familie Ter Laan. Willem ter Laan had in 1945 bij de firma Mees een baan als voorman bij kalkovens gekregen. Na zijn overlijden in 1963 namen de andere werknemers zijn werk nog enkele jaren over. Zijn weduwe bleef toen ’s avonds in de gaten houden dat er genoeg turf in de ovens bleef komen om ze ook ’s nachts brandend te houden. Als beloning mocht ze met haar gezin in het huis blijven wonen. 

 In de kalkovens werden schelpen verbrand om kalk te krijgen voor het maken van cement en pleisterwerk. Schelpen werden in grote hoeveelheden in de Waddenzee gevist en via Zoutkamp met boten aangevoerd. Via een transportband werden ze op grote hopen voor de kalkovens neergelegd. Van de gasfabriek in Groningen kwamen cokes en uit Drenthe werd er turf aangevoerd.

In  lorries op rails werden de schelpen en de cokes in een gat vóór de ovens gegooid en vandaar via een elektrische transportband, die ‘Jacobsladder’ werd genoemd, in een gat bovenín de ovens. De turf ging onderin. Als de turf en cokes een aantal dagen hadden gebrand en een temperatuur boven de 1000°C hadden bereikt, waren de schelpen omgezet in ongebluste kalk. Die werd met de hand op de vloer van een schuur geschept en met water bespoten. De schelpen vielen dan uit elkaar als kalk. Die kalk werd gebruikt om cement ‘smeuïger’ te maken.

Door de massale invoer van goedkope steenkalk kwam er in de jaren ’60 een einde aan de schelpkalkovens in Nederland. Die bij het Boterdiep waren vanaf ongeveer 1900 in bedrijf geweest.

Familiefoto Ter Laan Kalkovens Boterdiep 2Een familiefoto van de familie Ter Laan uit de jaren '50. Tweede van links Willem ter Laan. De jongen in het midden is zoon Bert ter Laan. Helemaal rechts staat Berts vriend Gerard Kolstein; hij woonde in de boerderij Elba midden in de weilanden die nu zijn volgebouwd met de huizen van De Hunze.

 

 

Beveiliging

website security