Stichting

Historische

Werkgroep Beijum




Binnenkort

Zoeken

Kritische terugblik

In zijn lezing keek Van den Berg kritisch op die periode terug. Vooral op de voor die tijd nieuwe, democratische aanpak. De nieuwe wijk ontstond niet aan de tekentafel van de deskundige. Van den Berg zorgde voor een vergadertafel en nodigde allerlei maatschappelijke organisaties uit om mee te denken en mee te beslissen : het ‘Bouwteam Beijum’.

Wederopbouw

Van den Berg ging eerst een stukje terug in de geschiedenis. Na de Tweede Wereldoorlog begon de wederopbouw. Met weinig geld en middelen werden er snel huizen uit de grond gestampt.  Voor maatschappelijk experimenten zoals bewonersinspraak was geen ruimte.

Noorddijk

Aan het einde van de  jaren ´60 ontstonden er ook plannen voor het volbouwen van een nieuw stadsdeel met grote ontsluitingswegen: Noorddijk. Daar moesten ruime, dorpachtige wijken komen op een afstand van de stad. Zo  hoopte de stad mensen te behouden die anders naar dorpen in de omgeving zouden verhuizen.

Inmiddels was in diezelfde jaren ´60 Nederland snel welvarender geworden. Mensen gingen hogere eisen stellen aan woningen en wilden ruim baan voor auto's. Het aanvankelijke resultaat daarvan waren grote nieuwbouwwijken zoals Vinkhuizen, met veel hoogbouw en brede autowegen.

Ook de geplande wijken van Noorddijk waren groot van opzet en moesten goed bereikbaar zijn voor auto´s.

Struktuurplan1972Het Structuurplan 1969-1973 met volop autowegen (ook over een gepland Oosterhamrikviaduct) en een stadsdeelcentrum tussen Beijum en Lewenborg. De Oostelijke Ringweg loopt nog met een oostelijke boog van Lewenborg naar de Noordzeeweg, waardoor het geplande Beijum verder van de stad zou komen te liggen dan nu het geval is

 

Compacte stad

Met de groeiende welvaart veranderde er politiek ook wat: mensen wilden meer te zeggen hebben, wilden inspraak. Die omslag werd door Max van den Berg van harte omarmd. In Lewenborg werd dat al deels zichtbaar: veel groen, wel wat hoogbouw maar lang niet zoveel als in andere wijken uit die tijd, en een belangrijke rol voor openbaar vervoer en fietsers en wandelaars.

In Beijum ging het onder leiding van Van den Berg nog een stap verder. De wijk kwam iets dichter bij de stad te liggen dan was gepland. Je kunt dit nog steeds zien aan de zuidwestelijke bocht die de Oostelijke Ringweg bij Beijum maakt. En Beijum heeft een 'bloemkoolstructuur': het straatbeeld wordt overheerst door woonerven waar de auto niet de boventoon voert maar te gast is.

Dorps

Beijum moest wel een dorpse uitstraling krijgen. Beton werd daarom uit het straatbeeld geweerd. En de huizen moesten niet allemaal dezelfde vorm of hetzelfde ontwerp krijgen. Daarom kregen dertien architectenbureaus opdracht delen van de wijk te ontwerpen. Er kwamen veel groenvoorzieningen. En hoogbouw werd vermeden.

1999 boeskool met op achtergrond Jensemaheerd en boerderij oosterhuizenGrens van platteland en compacte stad: boeskoolteelt, boerderij Oosterhuizen en huizen van de Jensemaheerd in de noordoosthoek van Beijum (Foto Nelleke van Vliet)

 

 

2009 Spakenpad
April 2009: Het Spakenpad (Foto Nelleke van Vliet)

 

Oud landschap

Echt nieuw was de beslissing om de nieuwe wijk niet te bouwen op een dikke laag bouwzand. Bestaande waterlopen, oude wegen, boerenerven en bomenrijen: dat alles moest zoveel mogelijk zichtbaar blijven. Hoe die oude landschapselementen er voor de bouw van de wijk uitzagen is op foto's vastgelegd door landschapsarchitect Ger Roosjen (die een half jaar eerder de vierde Beijum-lezing had gehouden). Die gebruikte dat materiaal voor een historisch verantwoorde wijkindeling.

1976 10 261976: Beijumerweg vanaf Noorderhoogebrug. De tracé van de weg is na de nieuwbouw onveranderd gebleven. De boerderij links staat er nog steeds. Daarachter bevindt zich nu het winkelcentrum met de vijver (Foto Ger Roosjen)

 

Beijum nov. 1978 11Winkelcentrum Beijum in aanbouw. Het water is de 1000 jaar oude Zuidwending. Geen bouwzand te zien, wel klei, klei, klei. Op de achtergrond rechts de achterkant van de boerderij op de vorige foto (Foto Ger Roosjen) 

 

Betaalbaar

Max van den Berg noemde ook de naam van stedenbouwkundige Jan Verheij. Van den Berg was de politicus die het overleg over de bouw van Beijum stuurde. Jan Verheij was zijn technische rechterhand. Die technische kennis was hard nodig om de hoge eisen die aan Beijum werden gesteld (groen, dorps, diverse woningbouw) betaalbaar te houden. Dat dit ook tot narigheid kon leiden, bleek later wel. Zo heeft het er alle schijn van dat de vocht- en rioleringsproblemen waarover in Beijum veel wordt geklaagd, alles te maken hebben met bezuinigingen op  'civiele techniek', dus op de kwaliteit van uitvoering van o.a. kabels, leidingen en ... rioleringsbuizen in de grond.

Ervaringen

Terugkijkend durfde Max van den Berg de aanloop- en andere problemen van Beijum onder ogen te komen. Hij gaf toe dat niet alles te plannen is. Als lokale bestuurder had hij bijvoorbeeld geen invloed op het uitbarsten van de economische crisis waar het jonge Beijum meteen te maken kreeg.

Ook kon er in die jaren '70 niet onbeperkt aandacht zijn voor alleen maar leuke en luxe voorzieningen. "Er was in die tijd serieuze woningnood. Dat betekende dus in de eerste plaats: bouwen, bouwen en nog eens bouwen".

bus1978Fossemaheerd 1978: Bovenaan de weilanden waar nu de Oostelijke Ringweg en De Hunze liggen. De bus moest over het Bedumerviaduct (Noordzeebrug), reed door de verder nog onbewoonde wijk tot de Fossemaheerd en keerde daar 

 

Net als andere wijken maakt Beijum een ontwikkeling door. In het begin lag de wijk ver van de stad. Door de bouw van De Hunze is die, vooral psychologische, afstand verdwenen. In de tijd dat Beijum de kinderrijkste wijk van Nederland was, groeiden de scholen hier sterk. Nu worden ze weer kleiner. Beijum heeft twee winkelcentra, waardoor er niet echt een hart van de wijk is. Van den Berg erkende dat het ook moeilijk is een centrum te maken in en nieuwbouwwijk. "Zoiets moet groeien, dat is uiteindelijk aan de bewoners."

Enthousiasmerend

Over zijn eigen rol destijds: "Ik geloof dat ik vooral goed was in enthousiasmeren, in specialisten aan elkaar koppelen . En als ik een eindoordeel moet geven: ik heb een goed gevoel bij Beijum, ik ben blij met het idee van de compacte stad en hoe dat in al zijn kleinschaligheid, in een groene veilige woonomgeving, in Beijum is uitgepakt."

Max vd Berg Douwe vd Bijl okt20179 oktober 2017 in De Kleihorn: Max van den Berg tijdens de pauze van zijn lezing in gesprek met voorzitter Douwe van der Bijl van de Historische Werkgroep Beijum